In het donker op de Noordzee……
Wat gebeurt er als een groep zeekajakkers in het donker hulp nodig heeft ? Om daar ervaring mee op te doen volgden Walter en ik (Arnold) vier Haarlemse kajakkers die samen met KNRM IJmuiden een zoek- en reddingsoefening gingen doen. Walter en ik zijn instructeur bij HKV de Haarlemse Kano Vereniging.
In het donker kajakken op zee, met wind en golven, doet iets met je waarneming. Je ziet de golven niet, maar voelt ze des te meer. De horizon verdwijnt en overal zie je lichtjes waarvan je niet weet of het boeien, schepen of lampen op de wal zijn. Ook afstanden zijn lastig in te schatten. Daardoor worden de veiligheidsmarges kleiner en kunnen kleine fouten grote gevolgen hebben.
Het scenario
Dat KNRM IJmuiden ons had gevraagd voor een oefening was dan ook voor beide partijen leerzaam. De opdracht was duidelijk: met een groep van zes kajakkers zouden we in de vroege avond de zee op varen. Na ongeveer een half uur moesten we een fictieve noodoproep doen: één kajakker had zogenaamd een schouderblessure en kon niet meer op eigen kracht terugvaren.
De taak voor de KNRM was om onze groep in het donker op te sporen, vervolgens ons met onze kajaks aan boord te nemen om ons veilig terug te brengen naar de haven van IJmuiden. Voor ons was het een mooie gelegenheid om te oefenen met marifooncommunicatie, onze veiligheidsmiddelen te testen en ervaring op te doen met nachtelijke omstandigheden op zee.
Hoe vinden ze ons ?
Om onze locatie te bepalen maakt de KNRM gebruik van radiosignalen van marifoons. Regelmatig werden we gevraagd langzaam van tien naar nul af te tellen in onze marifoon. Door enkele seconden continu uit te zenden kan KNRM peilingen uitvoeren en bepalen uit welke richting het signaal komt. Door meerdere metingen te combineren kunnen ze vervolgens onze positie schatten.
Dat bleek op deze avond lastiger dan verwacht. Terwijl we in een vlot dobberden, dreven we ongemerkt een flink stuk af door wind en golven. Ondertussen raakten we ook nog een peddel kwijt. Ook een leerpunt: even je aandacht ergens anders op richten en een losgelaten peddel is in het donker zo verdwenen.
Bij ieder contact meldde de KNRM dat ons marifoonsignaal slecht doorkwam. Dat komt in de eerste plaats door onze positie vlak boven het wateroppervlak, maar ook doordat de pieren rond IJmuiden het signaal verstoren. Daardoor voer de KNRM aanvankelijk richting Zandvoort, terwijl wij ons een stuk noordelijker bevonden.
Kletsen in plaats van zoeken ?
Al snel dwong de kustwacht ons om over te schakelen van het Search and Rescue-kanaal 67 naar kanaal 77 (het zgn. kletskanaal). Toen pas bleek dat mijn marifoon niet optimaal stond ingesteld. Op zee, dobberend in de golven en in het pikkedonker, bleek het voor mij echter onmogelijk om de instellingen aan te passen. Wat ik hiervan heb geleerd is hoe belangrijk het is om ook buiten noodgevallen regelmatig met je apparatuur te oefenen (wat ik dus nooit deed).
Pas na lange tijd wist de KNRM ons te traceren. Sinds een paar jaar beschik ik over een rescueME EDF1 Flare, het moderne alternatief voor het traditionele handstakellicht. Zodra de reddingsboot in zicht kwam stak ik die enthousiast in de lucht. Maar op zee bij IJmuiden bleek dat minder effectief dan gedacht. De honderden windmolens op zee hebben allemaal rode waarschuwingslichten, waartussen het signaal nauwelijks opviel. Bovendien was ik vergeten dat de flare ook in een krachtigere stand kan worden gebruikt. Ook weer een kwestie van af en toe oefenen…
Laserpen
Het eerste signaal dat de bemanning daadwerkelijk opmerkte, was het groene licht van een eenvoudige laserpen. Door de afwijkende kleur en beweging was voor hen meteen duidelijk dat het geen boei of scheepslicht was. Iets om over na te denken, want zo’n laserpen is een stuk goedkoper dan een elektronische flare.

Daarna ging het snel. Eén voor één werden we aan boord gehesen en ook onze kajaks kregen een plek op het dek. Dit was voor mij het spannendste moment van de avond. Ze namen eerst mijn peddel over, maar ze realiseerden zich niet dat mijn spatzeil nog dicht zat en ik dus niet uit kon stappen. Mijn kajak hing een paar keer gevaarlijk op zijn zij, maar gelukkig hadden ze me goed vast en even later zat ik veilig en wel in de stuurhut.
Met 32 knopen voeren we terug naar de haven. De avond werd afgesloten met een evaluatie, bier en bitterballen. Wat mij betreft was het een bijzonder leerzame oefening en zeker voor herhaling vatbaar.
Geleerde lessen:
- Een praktijkoefening kent risico’s die je van tevoren niet altijd goed kan inschatten, daarop moet je mentaal en fysiek zijn voorbereid.
- Heb je reddings- en communicatieapparatuur bij je – oefen daarmee geregeld. Ook in je kajak.
- De standaard reddings- en communicatieapparatuur voor de zeevaart is voor een kajak niet zo effectief als verondersteld – desondanks heb je het nodig (volgens de regels en de verzekering).
- Koop ook een laserpen en voeg deze toe aan je noodpakket. Check voor je vertrek of deze werkt.
MdR
Twee kajakkers van de MdR zeegroep zouden meedoen met deze oefening. Een van hen moest afhaken in verband met griep en een wond boven zijn oog. De ander had geen goed onderbuikgevoel. Deze redding in het donker zou misschien niet zijn redding zijn op dat moment. Hij had nog een Peddelpraattocht in Zeeland in gedachte. Die tocht was weliswaar geen reddingsoefening, maar wel heftig met windkracht 5 en met windstoten 6.
Ik (Edwin) heb hier van geleerd. Het lijkt gewoon leuk zo’n redding op zee met de KNRM in het donker. Maar het is niet zonder risico’s. Nee zeggen is dan verstandiger dan je te laten verleiden door groepsdruk (er bij willen zijn). Luisteren naar onderbuik gevoelens, gezond verstand en ‘realistisch zijn’ is dan het beste.
tekst en foto’s aangeleverd door Edwin Wubbe, met dank aan KNRM en HKV

