Roeien langs het industrieel erfgoed van de Zaanstreek

Door Angela Rooijmans

Wat is de voldoening groot als je na 51 km roeien aankomt bij het vlot en je een glaasje Berenburg krijgt aangereikt! Dat is namelijk de traditie bij de finish van een marathon. Dit keer kregen we er ook een potje Zaanse mosterd bij want we waren in Zaandam, te gast bij roeivereniging de Zaan. Er waren slechts 9 boten die dit jaar meededen aan de Zaanmarathon, waarvan 2 boten van Michiel de Ruyter. Dankzij Saskia, de motor achter het marathonroeien bij MdR, hadden we zowaar 8 mensen bij elkaar voor deze uitdagende tocht.

De tocht bestond uit 3 lussen: eerst de Zaan af richting het zuiden, langs de molens op de Zaanse Schans en weer terug naar het noorden, naar Wormer. De Zaan is een brede rivier waarlangs vanaf oudsher veel voedingsmiddelenindustrie is gevestigd. Dit deel van de tocht was vooral een interessante reukervaring. Steeds roken we weer andere luchten: cacao, koek, nootjes, rijst. Er zit nog genoeg industrie maar veel van die fabrieken en pakhuizen zijn inmiddels verbouwd (of vervangen) door nieuwe imposante woonflats.

De tweede lus ging via Spijkerboor, Graftdijk en langs het eiland de Woude terug naar de Zaan. Aan het begin van de lus hadden we even een discussie: stuur Monica las in de routebeschrijving dat we rechtsom moesten maar ik meende me te herinneren van de captainsbriefing dat we linksom moesten. We besloten toch maar de routebeschrijving te volgen. ‘Zal wel niet uitmaken’, dachten we.  Een uurtje later kwamen we de eersten tegen die van de tegengestelde richting kwamen, dus we hadden het blijkbaar toch niet goed gedaan. En dat kregen we dan ook vaak te horen: “He, jullie gaan verkeerd om!!”. Verderop kwamen we erachter waarom we inderdaad toch beter linksom hadden kunnen gaan want op de weg terug over de Markervaart hadden we fel wind tegen en maar weinig beschutting.

Terug bij de Zaan, bij de Poelsluis, begon de derde lus. De sluiswachter was een zeer vriendelijke man die zelfs een potje koffie voor ons ging zetten. Bij de sluis werd de tijd stilgezet dus konden we rustig even een boterham eten, gebruik maken van het toilet in het sluiswachtershuisje en een kopje koffie drinken. We zeiden tegen de sluiswachter dat we verrast waren door de hoeveelheid industrie waarop hij zei: “ach, vroeger was het nog veel meer, als je toen in het water viel moest je heel snel douchen”.

Inmiddels hadden we er al 31 km opzitten. De laatste etappe ging door het Wormer- en Jisperveld, een groot aaneengesloten veenweidegebied bestaande uit honderden eilandjes omgeven door rietkragen en vaak smalle sloten. Een hele andere sfeer, en ook heel ander vaarwater. Lucas had een behoorlijke stuur-uitdaging met die smalle sloten, haakse hoeken en lage bruggen. En dan ook nog de route vinden! Na een tijdje hadden we wel door dat we de nummerbordjes van de kanoroute moesten volgen, alleen die bordjes zijn klein en staan nogal ver in de kant dus zie je ze eigenlijk nét te laat.


Vlakbij de Poelsluis haalden we onze clubgenoten weer in en konden we gezamenlijk in de sluis. Terug op de Zaan was het nog maar een paar kilometer terugroeien naar roeivereniging De Zaan. Het was wel (steeds) harder gaan regenen, maar met het eindpunt in zicht kon ons dat niet zoveel meer deren. Alhoewel, de sturen hadden het dat laatste stuk wel behoorlijk koud gekregen! Dus gauw de boten naar binnen en opwarmen met een kopje mosterdsoep. Tijd om onze prestatie te evalueren: De Kijkduin had er een half uurtje korter over gedaan dan de Nieuwe Geus (6,15 uur versus 6,45 uur). Daarna hadden we met zijn allen snel de boten weer op de wagen geladen en kon Jan de botenwagen terugrijden naar Uithoorn (en ik naar huis om dit stukje te schrijven).

Hartelijk dank aan Saskia voor de organisatie en aan Jan voor het gedoe met de botenwagen, en Lucas, Monica, Johan, Geert-Jan en Jeanette voor de gezelligheid en het doorzettingsvermogen. Op naar de Midwintermarathon in december!